Oorlog zonder vrienden
Hartman, Evert
Geplaatst op Dinsdag 03 februari 2004
Het is 1942. Arnold, een jongen heeft het niet gemakkelijk.
Zijn vader is fanatiek lid van de NSB en daar wordt hij ook op nagekeken. Zijn leven wordt zuur gemaakt door medeleerlingen op school. Op donderdag 30 april wordt hij daarom ook op school in elkaar geramd nadat hij een opmerking heeft gemaakt: “Als jullie denken dat, dat mens in Engeland nog iets voor jullie doet, zijn jullie stomme idioten”. Dan krijgt hij later ruzie in de gang, waarbij hij later in elkaar wordt geslagen. Daarvoor moet hij bij de rector komen maar dat doet hij niet. Als hij thuiskomt vraagt zijn moeder wat er gebeurd is. Als zijn vader dat hoort meldt hij dat bij de NSB en de drie onruststokers, Martin Jonkers, Johan Laning en Hans van Beek. Later wordt de winkel van Jonkers leeggehaald. Als Arnold de volgende morgen een eindje gaat wandelen komt hij een boer met een kar tegen en vraagt of hij achterop mag. Opeens ziet hij een vliegtuig die hen en een groep van de Duitse Wehrmacht beschiet. Als de Duitsers hem vragen waar de vlieger geland is, kan hij hen helpen. Ze vinden de Engelsman ook. Hij helpt ook de Duitsers nog wat kisten van een bootje afhalen. De volgende dag gaat hij weer naar school. Daar wordt hij opnieuw getreiterd. Als hij bij de oude loods gaat kijken ziet hij een bootje met allerlei goederen. Hij meldt dat bij zijn pa en samen gaan ze naar het politiebureau. Daar vertelt Arnold wat hij gezien heeft. Als de politie ook bij de plek komt brandt het bootje net af. Hij had...
Reacties
Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.

